Vind nu een alternatief arts / therapeut in

Klassieke Homeopathie


Klassiek Homeopathie is de leer die is ontstaan uit de grondbeginselen, ontdekt door Samuel Hahnemann ( 1755-1843 ) in de periode 1782 tot 1798. Deze therapie is voortgezet door C. Hering, James Tyler Kent, George Vithoulkas en vele anderen.
 
De therapie is gebaseerd op drie pijlers:
-         de Similia-regel
-         Potentiëringsprincipe
-         Provings
 
De Similia-regel gaat over de symptomen van de ziekte. Hierbij is de gedachte dat als men een stof vindt die op een gezonde persoon dezelfde symptomen oproept als de patiënt heeft, hier een mogelijke oplossing, cq geneesmiddel heeft om de patiënt te genezen. Een voorbeeld wat regelmatig gegeven wordt, is de behandeling van bevroren ledematen, waarbij de getroffen ledematen worden ingewreven met sneeuw, in plaats van de patiënt voor een warme kachel te positioneren.
 
Bij het potentiëringsprincipe gaat het om de gevonden stof, de similium, en de dosering van de stof. Deze stof dient in zeer kleine hoeveelheden gegeven te worden en vaak maar eenmalig. De kritiek ontstond toen men in deze leer ervan uit ging dat bij het steeds verder verdunnen van het middel, uiteindelijk een verdunningsgraad bereikt werd waarbij de kans op het aantreffen van een enkel molecuul van de stof praktisch nul is. De stof wordt met alcohol of water verdund. Bij eventueel opnieuw optreden van de eerder besproken symptomen kan er een hoge dosis worden voorgeschreven.
 
Provings komt van het Engelse to prove dat bewijzen betekent. Het gaat er hier om, om bij zo veel mogelijk stoffen er achter te komen wat deze voor symptomen oproepen bij gezonde personen, uiteraard in een zeer lage dosis. Homeopaten observeren de reacties die deze potentiëringen oproepen en brengen deze in kaart. Zoals uit de vorige uitleg blijkt dient er wel enige mate van gevoeligheid te bestaan voor de toegediende stof . In de geschiedenis betekende dit dat er vele honderden dan wel duizenden tests werden gedaan, voordat er met zekerheid vastgesteld kon worden of deze stof de reactie opriep, of dat er toch enige mate van vervuiling was opgetreden.